VerbijsterendAdvies.nl
Persoonlijk maatwerk in verzekeringen en financiŽle diensten van De PensioenMakelaar & De HypothekenMakelaar

 

Ontslag op staande voet maar toch helft transitievergoeding

Een werknemer krijgt ontslag op staande voet omdat hij herhaaldelijk re–integratiewerkzaamheden weigert. Hij komt nog wel in aanmerking voor de helft van de transitievergoeding, aldus de kantonrechter in Amsterdam. 

Het dossierverloop: de werknemer is op 4 juni 2007 in dienst getreden bij een restaurant als afwasser/ schoonmaker. 

De werkgever is vanaf januari 2017 bezig met een ingrijpende renovatie van het restaurant dat deel uitmaakt van het hotel. Met de werknemers die normaal in het restaurant werkten, is afgesproken dat zij gedurende de renovatie vervangende werkzaamheden in het hotel verrichten. Dit gold ook voor de werknemer die in de housekeeping tewerk is gesteld. 

Op 25 maart 2018 heeft de werknemer zich ziek gemeld. Volgens het verslag van de bedrijfsarts van 11 april 2018 is de werknemer volledig uitgevallen, omdat hij vooral beperkt is in bewegingen vanuit de schouder/arm. De bedrijfsarts ziet op dat moment geen mogelijkheden om te gaan werken. Uit het verslag van de bedrijfsarts van 6 juni 2018 volgt dat de werknemer voor het eerst in staat wordt geacht om re-integratiewerkzaamheden te verrichten.

Re-integratieverplichtingen 

De werkgever spreekt met hem af dat hij op 14 juni 2018 met zijn re-integratiewerkzaamheden gaat starten en dat de werknemer verplicht is om aan zijn re-integratieverplichtingen te voldoen. De werknemer laat op 13 juni 2018 weten dat hij bezwaren had om te komen werken. De werkgever wijst weer op zijn re-integratieverplichtingen. 

De werknemer komt niet opdagen. In een brief van 14 juni 2018 bevestigt de werkgever zijn afwezigheid en laat de werkgever weten dat er een loonstop volgt als de werknemer niet bereid is om zijn re-integratieverplichtingen te voldoen. 

De werkgever heeft op 6 juli 2018 de werknemer opnieuw opgeroepen om de re-integratiewerkzaamheden op 12 juli 2018 te starten. Als hij dit niet doet, zal de werkgever verdere stappen ondernemen is de boodschap. 

De werknemer is niet gekomen om met zijn re-integratie te starten. De werkgever heeft daarom per die datum de loondoorbetaling aan hem stopgezet

Op 17 juli 2018 is de werknemer opnieuw bij de bedrijfsarts geweest. Deze heeft geadviseerd dat de man in staat is tot volledige re-integratie binnen één maand en niet meer hoeft terug te komen. 

Op 6 september 2018 is opnieuw met de man gesproken. Hij geeft aan nog steeds geen re-integratiewerkzaamheden te kunnen doen. Op 10 september is de man nog eenmaal gewezen op zijn re-integratieverplichtingen. De werkgever heeft de werknemer verzocht om zijn re-integratiewerkzaamheden op 13 september 2018 te starten. Als hij dat niet doet, zo waarschuwt de werkgever, volgen nadere arbeidsrechtelijke maatregelen gericht op een beëindiging van het dienstverband. 

Dringende reden?

Uiteindelijk is de man op 18 september 2018 op staande voet ontslagen. De dringende reden die daaraan ten grondslag ligt, is dat de werknemer – ondanks diverse waarschuwingen – geen gehoor heeft gegeven aan de oproep om zich te melden bij de werkgever zijn re-integratiewerkzaamheden te starten, dit conform het advies van de bedrijfsarts. 

Bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van een dringende reden voor ontslag op staande voet moeten de omstandigheden van het geval, in onderling verband en samenhang, in aanmerking worden genomen. 

De werknemer verwijt de werkgever dat hij eenzijdig in een andere functie te werk is gesteld, die voor hem fysiek te belastend is. Door vervolgens de nadruk te leggen op het re-integratietraject naar deze te belastende werkzaamheden is hij ziek geworden dan wel ziek gebleven. 

Wat zegt de kantonrechter? 

De kantonrechter is het hier niet mee eens. Er is volgens de kantonrechter geen sprake van een eenzijdige functiewijziging. Ook kan in redelijkheid van de man gevergd worden om (re-integratie)werkzaamheden zoals geadviseerd door de bedrijfsarts te verrichten. 

De werknemer bleef hardnekkig weigeren om re-integratiewerkzaamheden uit te voeren of een poging hiertoe te doen. Hij heeft daarmee zijn verplichtingen bij ziekte en re-integratie geschonden. Niet gebleken is dat de werknemer geen mogelijkheden en/of beperkingen had voor het verrichten van re-integratiewerkzaamheden. 

De kantonrechter oordeelt dan ook dat het ontslag op staande voet rechtsgeldig is gegeven

Helft transitievergoeding 

De werknemer heeft eigenlijk geen recht op een transitievergoeding, omdat zijn handelen aangemerkt moet worden als ernstig verwijtbaar. Nu de werkgever echter heeft erkend dat de werknemer gedurende het dienstverband van 11 jaar  goed heeft gefunctioneerd, en gelet op zijn persoonlijke omstandigheden, acht de kantonrechter het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar dat de man geen transitievergoeding zou ontvangen. De kantonrechter kent daarom een vergoeding toe van € 5.405,50 bruto. Dat is de helft van de wettelijke transitievergoeding die de werknemer heeft berekend. 

BRON: Uitspraak Rechtbank Amsterdam, 27 februari 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:1468 

VerbijsterendAdvies.nl 02042019

 

 



Laatste update: 02/04/2019 13:09.00