VerbijsterendAdvies.nl
Persoonlijk maatwerk in verzekeringen en financiŽle diensten van De PensioenMakelaar & De HypothekenMakelaar

 

Stamrecht BV zonder uitkeringen is 52% belastbaar prijsgeven

 

Hof Amsterdam oordeelt dat de inspecteur de stamrechtaanspraak terecht tot het loon heeft gerekend. Aangezien geen stamrechtuitkeringen zijn gedaan, is de aanspraak prijsgegeven, en moet de aanspraak tot het loon worden gerekend. De Hoge Raad oordeelt dat de middelen of klachten niet tot cassatie kunnen leiden (art. 81 Wet RO).

Belanghebbende, X, heeft een stamrecht-bv (B bv). X geniet tot 2007 uitkeringen van B bv. De uitkeringen worden als loon uit dienstbetrekking aangegeven. De bv brengt de uitkeringen als loon ten laste van haar winst. In 2007 wordt X 65 jaar. X laat in dat jaar een pensioenkapitaal van € 630.000 aan B bv overdragen. B bv brengt de uitkeringen aan X in 2007 ten laste van de pensioenvoorziening. Er zijn geen uitkeringen ten laste van de stamrechtvoorziening gebracht. In 2012 legt de inspecteur een IB-navorderingsaanslag aan X op over 2007. Hij verhoogt het inkomen van X met de waarde van de stamrechtaanspraak (52%IB). Volgens de inspecteur moet de waarde van de stamrechtaanspraak namelijk op grond van art. 3.82 Wet IB 2001 juncto art. 19b Wet LB 1964 tot het loon worden gerekend. X is het hier niet mee eens. In eerste instantie is in geschil of de inspecteur beschikt over een voor navordering noodzakelijk nieuw feit. Hof Den Haag oordeelt dat de inspecteur niet beschikt over een nieuw feit en vernietigt de navorderingsaanslag. De staatssecretaris gaat in cassatie. De Hoge Raad oordeelt dat er geen sprake is van een ambtelijk verzuim. De Hoge Raad verwijst de zaak vervolgens naar Hof Amsterdam om de geschilpunten waaraan Hof Den Haag niet is toegekomen te behandelen.

Hof Amsterdam (V-N 2017/51.1.2) oordeelt dat de inspecteur de stamrechtaanspraak terecht tot het loon heeft gerekend. Volgens het hof maakt X namelijk niet aannemelijk dat vóor 2007 stamrechtuitkeringen zijn gedaan. Aangezien ook vanaf 2007, afgezien van een uitkering van € 5.950, geen stamrechtuitkeringen zijn gedaan, heeft X volgens het hof zijn aanspraak prijsgegeven, en moet de aanspraak tot het loon uit vroegere dienstbetrekking worden gerekend op het onmiddellijk aan dat prijsgeven voorafgegane tijdstip. Het gelijk is aan de inspecteur.

De Hoge Raad oordeelt dat de middelen of klachten niet tot cassatie kunnen leiden (art. 81 Wet RO).

BRON: Hoge Raad [Bron Uitspraak] Taxlive 12 februari 2019

DePensioenMakelaar.nl

 

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 3.82

Wet inkomstenbelasting 2001 3.81

Wet op de loonbelasting 1964 19b

Wet op de loonbelasting 1964 11

Rubriek: Inkomstenbelasting, Loonbelasting

Editie: 13 februari

Informatiesoort: VN Vandaag

Instantie: Hoge Raad

 



Laatste update: 13/02/2019 10:39.27